page contents

Ik geloof.

In juli kreeg ik de diagnose autisme. Daarmee werd het vermoeden van een jaar eerder bevestigd. Ik verhuisde van de afdeling Angst en Stemming naar die van autisme om de behandeling van mijn depressie voort te zetten. Ik leerde nog meer over mezelf dan ik al wist. Bij mijn kinderen zag ik al dat autisme veel mooie kanten heeft, buiten de wat meer bekende vervelende ‘bijwerkingen’. Ik besloot van mijn ‘zwakte’ mijn sterkte te maken.
Ik geloof.
Ik geloof dat ik dat kan en daarmee een positieve bijdrage aan de wereld geef.

Dit jaar geen reis naar vluchtelingenkampen, zoals de afgelopen jaren. Dat betekent niet dat ik niets heb gedaan voor de mensen die het zo moeilijk hebben. Ik ondersteunde de reis van mijn medeauteur van de Jamil & Jamila serie Elsbeth de Jager bij haar reis naar Lesbos, zowel mentaal als met boeken. Ik verzorgde lezingen over dit onderwerp.
Ik geloof.
Ik geloof dat het belangrijk is voor elkaar te zorgen. Wie dan ook. Waar dan ook. Omdat ik denk dat de wereld daar beter van wordt.

Er verschenen diverse boeken van mijn hand, zoals confrontatie en de pinguïns in Afrika. Ik schreef een verhaal in de Waddenbundel Paal 15. Ik rondde mijn vierde boek af, Censuur, en ontving enthousiaste reacties.

http://esthervanderham.nl/censuur-hoe-ver-ga-jij-voor-de-waarheid/

Ons huishouden werd groter. Drie kuikens kwamen bij ons wonen, die al snel uitgroeiden tot grote, meestal lieve en aanhankelijke hanen. Zacht tokkend komen ze me overal achterna in huis, vliegen op mijn schouder en pikken in mijn haar.
Ik geloof.
Ik geloof dat het belangrijk is om de kleine lichtpuntjes te blijven zien, hoe donker de dag ook mag zijn. Tot nu toe is dat mijn redding geweest.

Ik geloof. Niet zo zeer in de instituten waaraan dat zo vaak wordt gekoppeld. Vanavond gaan we naar de nachtmis, omdat ik daar een aantal zaken van mijn geloof terugvind. De kern is hetzelfde, geloof ik. De uitvoering anders.
Ik geloof.
Ik geloof in mezelf. In de liefde. In jou.

Ik wens iedereen heel fijne feestdagen toe. Hier mijn lichtpuntje voor jou.

Huisregels: we have a problem.

‘Hebben jullie huisregels?’ vraagt mijn psycholoog, die mij ondersteunt in het omgaan met mijn depressie en autisme. 
Ik heb een flinke terugval in mijn depressie. Bij mij therapiesessie bespreek ik met hem hoe dat komt en wat ik eraan doe om de terugval tot stilstand te brengen. Want helaas, dat gaat niet vanzelf. Ik heb mijn crisissignaleringsplan wat me in dit geval kan helpen. Per fase, 0 tot en met 4, is beschreven hoe ik me voel, hoe ik dat zo kan houden en wat de signalen zijn dat het minder goed gaat. De alarmbellen gingen luid af, zeg maar.

De rem erop

Het is heel druk geweest. Veel regelwerk voor de jongens, die het pittig hebben op school. De school doet erg hun best om rekening te houden met hun autisme, maar de praktijk is weerbarstig. Zo kreeg jongste een ruimte toegewezen omdat hij zijn brood liefst rustig op wilde eten in plaats van in de megadrukke kantine, maar was het een hele stap om daar ook gebruik van durven te maken. Uiteindelijk is het gelukt, gelukkig ook voor hem. Nu eet hij weer op school, want dat durfde hij niet. Dit is één voorbeeld, zo zou ik er nog veel meer kunnen noemen. Heftigere voorbeelden ook.
Ik was druk bezig met het regelen van extra ondersteuning, mijn vierde boek is eindelijk af (hoera!), sinterklaas, verjaardagen, ik maakte ‘even’ een gratis boekje met verhalen van de Droomvallei-auteurs,  je kent het wel. Een terugval dus. De rem moest erop. Ik zei afspraken af (balen) en bekeek mijn planning en hoe vol die zat. Het was best druk. 

‘Eventjes’

Ik ben heel snel in dingen. Dat is een voordeel en een nadeel tegelijk. Het is fijn als een taak snel is afgerond, maar niet als het ten koste gaat van jezelf. Dat moet ik mij bij alles wat ik doe realiseren. 
– Is het nodig dat ik dit doe?
– Moet het nu of kan het ook op een ander moment?
– Moet ik het zelf doen of kan iemand anders het voor me doen?
– Is het mijn taak of neem ik de taak van iemand anders over?
Bij alles moet ik hierover nadenken, want als ik dat niet doe, ben ik al aan de taak begonnen. Vuile spullen heb ik sneller in de was gegooid dan een ander er (tien keer) op aanspreken dat de keukenvloer geen goede plek is voor de vuile gymkleren, dat glazen in de vaaswasser horen en dat de schooltas op de drempel van de voordeur geen goede plaats is. En ga zo maar door, alle ouders zullen het wel herkennen. Leg de verantwoordelijkheid daar waar hij hoort. Lastig bij kinderen, lastig bij pubers, lastig bij autistische pubers. 

Huisregels

Terug naar de vraag van de psycholoog. Zeker hebben wij huisregels. Hij vroeg me om ze weer eens op te schrijven. Ook wilde hij graag dat de jongens aangaven hoe ze de regels zouden willen hebben (niet om ze automatisch toe te passen, meer ter bespreking/gespreksvoering). Natuurlijk hebben we die. Ik zette ze op papier en vroeg of ze aan wilde geven wat ze van elk van deze regels vonden door het zetten van een krul of kruisje. Vandaag zag ik het resultaat. Er schoot één ding door me heen: Houston, we have a problem. 

huisregels
huisregels

Hoe doen jullie dat eigenlijk? Hebben jullie huisregels en hoe handhaaf je die?  Ik lees het graag.

8. Stage op het vliegveld

Wat vooraf ging

Gehaast pakt Eefje haar fiets uit de schuur. Het is al laat en ze moet een heel eind fietsen naar haar stageplaats. Een jaar lang is ze op en neer gereden, elke dag meer dan 20 kilometer, voor haar stage op een militair vliegveld. De eerste kennismaking met de mannenwereld. Het is haar meegevallen.

‘Wil je voor de laatste keer een kopje thee?’ De keetjuffrouw komt het kantoortje binnen dat ze deelt met één van de directieleden bij de aanleg van nieuwe start- en landingsbanen. Het afgelopen jaar heeft ze mee toezicht gehouden op de werkzaamheden van de aannemer, maar af en toe mocht ze ook met de aannemer mee om het werk van die kant te bekijken.  De bouwkeet staat naast de startbaan, waar de straaljagers met veel herrie af en aan vliegen.

‘Het was een leuke tijd,’ zegt Eefje. ‘Ik ga jullie wel missen.’
‘Wij jou ook. Straks ben ik weer de enige vrouw hier.’
Eefje denkt terug aan wat ze allemaal heeft beleefd. Het afgelopen jaar is intensief geweest. Normaal gesproken moet op twee plekken stage worden gelopen, maar het werk was zo veelzijdig dat Eefje een heel jaar mocht blijven. Alle facetten van de weg- en waterbouw kwamen langs, van de aanleg van wegen, straatwerk, rioleringen tot asfalt en zelfs bouwkunde.

Opgeblazen plotter

Ze heeft op de tekenkamer gewerkt. De machine die de tekeningen plot opgeblazen door te veel opdrachten tegelijk te verstrekken, waarna de aanliggende kamers moesten worden ontruimd door de ammoniaklucht. 
Kilometers afgelegd op de landingsbanen van het vliegveld om de scheurvorming op te meten en in kaart te brengen.
Geoefend met rijden op de zandpaden van het vliegveld, wat geen doorslaand succes was. Dat gold ook voor het brommer rijden. Ze bleef die gashendel maar de verkeerde kant opdraaien, waardoor ze veel harder ging in plaats van zachter. Geef haar maar haar fiets. Die kent ze en die brengt haar overal waar ze wil zijn.

Hoofdpijn

Vaak had ze hoofdpijn. Daar liet ze zich niet door kennen. Gewoon doorgaan. Soms een pilletje als het te erg werd. Niet zeuren maar doorgaan. Dat heeft ze geleerd. En dat zal ze doen. Ook straks, in het examenjaar. Daar ziet ze best tegenop. Ze heeft het zwaarste pakket gekozen als voorbereiding op de HTS. Een andere klas, straks een nieuwe school in een andere stad. Reizen dus … maar eerst dat diploma nog ‘even’ halen.

Hoe het verder gaat.

Ik ben Esther van der Ham. Vanaf mijn 25e heb ik regelmatig een depressie en op mijn 45e kreeg ik de diagnose autisme. Vaak vragen mensen aan mij hoe ik tot het schrijven en uitgeven ben gekomen en hoe ik het allemaal doe. In deze blogberichten lees je mijn verhaal over omgaan met depressie en autisme. Wil je dat ik ook voor jouw organisatie daarover kom vertellen of voor jouw organisatie een boek schrijf over het doorbreken van taboes?

Lees dan hier verder.